Wetenschap van de hete grond

Van mooi weer worden we geen mooiere mensen


Dat we deze zomer al zoveel warme dagen hadden is voor de meesten onder ons een zegen, maar het maakt ons er niet bepaald betere personen op. Want hoewel je zou denken dat de zon wonderen doet voor het humeur, blijkt dat broeierig weer ons vooral een stuk minder behulpzaam maakt. Bij snikheet weer zijn we minder geneigd om anderen te helpen zonder dat we daarvoor iets willen terugkrijgen. 


Met die stelling in het achterhoofd, voerden Liuba Belkin & Maryam Kouchaki, professor aan de Lehigh University en assistent-professor aan Northwestern University in Illinois, een studie uit om te kijken of dit ook klopt of niet. Allereerst analyseerden ze de weergegevens en de data van een Russische kledingketen uit diezelfde periode. Ze vergeleken het gedrag van de winkelbediendes bij normaal en broeierig warm weer. De eerste opvallende conclusie: het winkelpersoneel was maar half zo behulpzaam op erg hete dagen als bij normale temperaturen. 

Vervolgens deden ze een online experiment. Ze betaalden 2 groepen mensen om via internet een lijstje in te vullen. Na afloop vroegen ze hen als extraatje nog een enquête te doen, onbetaald dus. De ene groep moest zich voorstellen dat het een erg warme dag was. Amper 34% van hen was geneigd om de gratis enquête in te vullen. Van wie het onderzoek zogezegd invulde op een normale dag qua weer, was 76% bereid. 


Als laatsten schakelden de wetenschappers hun studenten in als proefpersonen. In 2 verschillende aula's vroegen ze hen om aan het einde van het lesuur nog een test te maken voor een 'NGO die zich in buurt inzette voor kinderen en zwakkeren in de samenleving'. In de ene aula was het snikheet, in de andere aangenaam koel door airco. In de hete aula vulde 64% de enquête in, in de andere maar liefst 95%.

Verlofstresssss


Nederland is massaal op vakantie. Maar voor veel werknemers gingen daar maanden van irritaties, stress en discussies over vakantieroosters met collega's en leidinggevenden aan vooraf. Uit onderzoek van CNV Vakmensen onder bijna 2000 werknemers blijkt dat 1 op de 6 werknemers te maken heeft met 'verlofstress'. De grootste problemen doen zich voor rond schoolvakanties als veel werknemers met schoolgaande kinderen tegelijk op vakantie willen en intussen het bedrijf wel moet blijven draaien.


Volgens de vakbond begint het circus van vakantieaanvragen en schuiven voor de zomervakantie vaak al in november, december. "En dan is er vaak ook nog een werkende partner die in datzelfde circus zit. Het is telkens een puzzel om het weer ronde te krijgen", zegt Piet Fortuin, voorzitter van de werknemersorganisatie.

Volgens de onderzoekers ervaren vrouwen rond het aanvragen van vakantiedagen meer verlofstress dan mannen. Bij de vrouwen zegt bijna een kwart (24 procent) er ,,vaak'' of ,,altijd'' gedoe over te hebben. Bij de mannen is dat 13 procent. Uiteindelijk beslist de werkgever of een verlofaanvraag wordt goedgekeurd. In het onderzoek zegt een derde van de werknemers dat er weleens een vakantie is geweigerd. Bij vrouwen ligt het percentage zelfs op 43%. 


Bijna altijd gaat het om een bezettingsprobleem: er zijn al te veel anderen op vakantie. Collega's met kinderen Van de ondervraagde werknemers vindt ruim de helft (56 procent) dat collega's met kinderen eerste keus zouden moeten hebben, omdat zij nu eenmaal vastzitten aan de schoolvakanties. Een ander deel (23 procent) houdt zich op de vlakte, terwijl 21 procent het daar totaal niet mee eens is. ,,Het geeft stevige reacties en irritaties op de werkvloer, de meningen zijn sterk verdeeld. Werkgevers doen er goed aan om transparant te zijn in hun beleid op dit gebied'', stelt Fortuin van CNV.

Friendly visitor while diving

Inpak-paniek

Maar liefst de helft van de volwassenen met een tripje voor de boeg heeft last van inpakpaniek. Uit een recent onderzoek van National Express, een luchthaven shuttlebedrijf, blijkt dat het merendeel van de reizigers een serieuze worsteling met de koffer heeft voor ze op het vliegveld aankomen. De helft van de 2.000 respondenten gaat resoluut op de koffer zitten om deze alsnog dicht te krijgen, 1 op de 3 roept de hulp in van een ander en 1 op de 5 moet zelfs een totaal nieuwe inpakstrategie verzinnen. 


Reisexpert Katy Colins raadt aan om in het vervolg iets vroeger te beginnen met inpakken. Of er gewoon beter over nadenken "Ons onderzoek wijst uit dat de meesten zo'n vier dagen voor de reis beginnen met inpakken. Je zou denken dat dat meer dan voldoende tijd is om met de perfect gepakte koffer op reis te vertrekken, maar de ervaring leert ons dat maar liefst 1 reiziger op de 5 extra bagagekosten moet betalen omdat de koffer te zwaar is." 

TIPS

1. Hoe groter je koffer, hoe meer je meesleurt. Neem je keer op keer te veel mee? Dan is de oplossing simpel: kies een kleinere koffer. 


2. Tel je kledij. Keer jij steevast met een enkele kilo's ongedragen kledingstukken terug? Dan hou je best vast aan de 5-4-3-2-1-regel. Voor een reis van 1 week neem je 5 paar sokken en ondergoed mee, 4 topjes, 3 onderstukken, 2 paar schoenen en 1 hoofddeksel. Uiteraard mag daar ook een badpak, een jas en sportkleding bij als je die nodig hebt. 


3. Leg alles op bed en wees onverbiddelijk. Denk 2x na over àlles dat je in je koffer stopt. Alles wat je meeneemt onder het mom van 'want je weet maar nooit', kan je er alweer uit doen. De kans dat je dat op vakantie zal gebruiken, is immers klein. En als er écht iets mist, kan je het altijd nog kopen. 


4. Speel Tetris. Vul de allerkleinste hoekjes en gaatjes in je koffer. Schoenen kan je bijvoorbeeld vullen met sokken, sieraden of andere kleine spullen. Rol je kleren op in plaats van de vouwen. Niet alleen bespaar je zo meer ruimte, je kleren zullen ook minder kreuken. 


5. Hou je vloeistoffen binnen handbereik. Ook als je je bagage incheckt, doe je er goed aan door je vloeistoffen helemaal bovenaan te leggen. Je weet immers maar nooit wanneer er een controle is. 


6. Pak je toiletspullen niet uit. Wel op je bestemming, uiteraard. Maar niet wanneer je na je vakantie weer thuiskomt. Door een aparte toilettas bij te houden met al je reisspullen, ben je zeker dat je de volgende keer niets vergeet.

Moe van relatie-gedoe


Na een jaar lang te hebben geploeterd op de werkvloer, is het dan eindelijk tijd voor die langverwachte zomervakantie. Lekker een paar weken met het gezin de hort op naar een zonovergoten camping of resort. En eindelijk weer eens tijd voor elkaar. De kinderen wonen praktisch in het zwembad, dus alle vrijheid en rust om elkaar weer eens écht te zien en te spreken... Heerlijk samen op een ligbed in de zon boek na boek verslinden, ’s avonds een wijntje drinken en nog uren buiten zitten als de kinderen op bed liggen. Je zou zeggen: ultieme relatietherapie. Maar niets is minder waar. 


Na de zomervakantie zit er altijd een piek in het aantal echtscheidingsaanvragen. Mediator Yolande de Best vindt dat helemaal niet gek. "Elk gezin heeft zijn dagelijkse routine. Maandag en dinsdag kook ik en breng jij de kinderen naar zwemles. Woensdagavond werk ik en ga jij wielrennen. Donderdag heb ik een meidenavond en ben jij de oppas. Een huishouden is net een goedlopend bedrijf. Maar op vakantie valt deze hele routine weg, waardoor het hele gezin ontregeld is."


"Als je op vakantie gaat, zijn er altijd hele hoge verwachtingen. Je leeft er al weken, misschien zelfs maanden, naartoe en betaalt veel geld voor zo’n vakantie, dus dat is logisch. Eindelijk hét moment om weer aan elkaar toe te komen en lekker helemaal niks te doen."

En dan lig je ook nog wakker


Het is een bekend fenomeen: de eerste nacht in je hotelkamer of tent lig je uren naar het plafond te staren. Hoe komt het dat je niet in slaap valt, terwijl je juist eindelijk alle tijd hebt om te ontspannen? Onder slaapwetenschappers wordt het het eerste-nacht-effect genoemd. 


Als ze onderzoek doen waarbij proefpersonen in het laboratorium moeten slapen, tellen ze de eerste nacht vaak niet mee. Er is een eenvoudige evolutionaire verklaring voor: in de eerste nacht kennen we onze omgeving nog niet goed. Daardoor zijn we extra waakzaam. Ons brein blijft ongemerkt actiever om mogelijk gevaar te bespeuren, legt Gerard Kerkhof, emeritus hoogleraar psychofysiologie uit in de Volkskrant. 


Amerikaanse wetenschappers ontdekten vorig jaar dat mensen de eerste nacht half slapen: hun rechter hersenhelft valt in slaap, terwijl de linker helft veel actiever blijft. In de tweede nacht is dat verschil verdwenen. Kerkhof raadt aan om na de eerste nacht op vakantie zonder wekker of telefoon te slapen om er zo achter te komen hoeveel slaap je nodig hebt. “Mensen met een slaaptekort beseffen niet dat ze een slaaptekort hebben. Ze weten niet dat ze onder hun niveau presteren, dat ze minder kunnen hebben. Het is de moeite waard om dat op vakantie voor jezelf uit te zoeken.”